1910 - 26 mei-2 juni Julianafeesten met een historisch-allegorische optocht.
1912 Sloop van het Commandantshuis (1775) van stadsarchitect J.E. de Witte op de Vijgendam.
1912 - 22 mei Start sloop gebouw de Groote Club.
1913 Voltooiïng van het kantoorpand op de hoek van de Dam en de Nes naar ontwerp van architect H. Elte.
1913 - 25 juli Raadsbesluit tot het verleggen van de tramsporen op de Dam, het aanbrengen van elektrische verlichting op dit plein en verwijdering van het Monument ter Herinnering aan den ‘Volksgeest van 1830-1831’.
1914 Voltooiïng van de bouw van het Polmanhuis. Afbraak van het Koninklijk College Zeemanshoop, gebouw ‘De Rijnstroom’ en tussenliggende panden voor de bouw van Peek & Cloppenburg
1914 - 7-8 april Sloop van het ‘Naatje op de Dam’.
1914 - 3 september Officiële opening van de begane grond van de Bijenkorf naar ontwerp van J.A. van Straaten jr.
1914 - 28 november Oplevering nieuwbouw de Groote Club op de rechterhoek van de Kalverstraat en de Dam van architect Th. G. Schill en een gevel naar ontwerp van D.F. Slothouwer.
1915 Voltooiïng van restaurant Polman, naar ontwerp van de gebroeders Van Gendt A. Lzn..
1916 - 8 januari Officiële opening van gebouw Industria naar ontwerp van architect Foeke Kuipers.
1917 - 11 april Officiële opening van het gebouw van Peek & Cloppenburg naar ontwerp van architect A.J. Joling.
1917 - 2 juli Aardappeloproer.
De gedocumenteerde geschiedenis van deze tweede parochiekerk in Amsterdam gaat terug tot 15 november 1408, de datum van de stichtingsbrief door de bisschop van Utrecht. De locatie was een boomgaard die voor de bouw werd geschonken door Willem Eggert, naar
Vanaf het laatste kwart van de achttiende eeuw werden in Amsterdam en elders in Nederland talloze genootschappen en sociëteiten opgericht. Naast een ontmoetingsfunctie, vormden kennisuitwisseling over cultuur, wetenschap en soms ook politiek een belangrijk doel van dit soort genootschappen. In
De meest beeldbepalende en blijvende stedenbouwkundige verandering op de Dam was de bouw van het nieuwe stadhuis, dat tussen 1648 en 1655 naar ontwerp van Jacob van Campen verrees. Hiervoor werd een groot aantal panden gesloopt en kwam de Nieuwe
Vanaf het begin van de vorige eeuw was de verkeerscirculatie op de Dam een steeds terigkerend onderwerp in de gemeentelijke politiek. In 1907 resulteerde dit in een gezamenlijk door de Maatschappij ter Bevordering der Bouwkunst, het Genootschap Architectura et Amicitiae → Lees verder
Eeuwenlang was de Dam een centraal overslag- en transportknooppunt in de stad. Niet alleen voor het goederen-, maar ook voor het personenvervoer. Wat het eerste betreft was het middelste pand tussen het Damrak en de Nieuwendijk lange tijd een belangrijke → Lees verder
Straatmeubilair heeft over het algemeen een veel kortere levensduur dan gebouwen. Wat de Dam betreft is er één uitzondering op deze stelregel. Op 13 november 1840 meldde het Algemeen Handelsblad dat – in verband met de aanstaande inhuldiging van koning → Lees verder







